posted by on Recepten, Snel, Vega, Zoet

4 comments

Mijn zusje is vijf jaar jonger dan ik. De enige periode dat ik haar niet zo leuk vond, was toen ik puberde. Dan zat ik op mijn kamer met vriendinnen en dan kwam ze binnen, omdat ze er ook bij wilde zijn. Toen vond ik haar een bemoeïerig klein kind. Maar buiten die periode was ze altijd het leukste meisje dat ik ken.

Sinds haar zeventiende woonde ze in Maastricht, Utrecht, Barcelona en Amsterdam. Al die tijd spraken we elkaar bijna dagelijks. Dat vinden we eigenlijk iets voor hele kleffe mensen. Maar zo zien wij onszelf absoluut niet. Het is ook niet zo dat we elkaar per se moeten bellen. We kunnen ook echt wel langer zonder elkaar, bijvoorbeeld als we op vakantie zijn.

Mijn zus en ik zijn best heel verschillend. Ik probeer altijd gestructureerd te zijn, ben een echte planner. Zij is meer van ‘we zien het wel’. En ja, dat botst dan dus wel eens.

We spreken elkaar ook echt niet over alles, maar vooral over niks. Ze is de enige die ik om 8 uur ‘s morgens kan bellen, niet omdat ik echt iets te vertellen heb, maar omdat ik me verveel en wil weten wat zij doet. Urenlang kletsten we vroeger op MSN: we deden dan allebei ons ding en ondertussen gaven we via de chat commentaar op tv-programma’s die we keken, dingen die we aten en vertelden we wat we die dag gedaan hadden. Het was een soort online samenwonen.

Ze is nu volwassener. En ze heeft lenzen.

Tegenwoordig woont mijn zusje in Haarlem. Dat is dichterbij dan Barcelona en minstens even leuk als de andere steden waar ze woonde. Deze week gaan we een paar dagen naar haar (hun) huis. Zij werken, wij ontspannen en zolang we de gordijnen iedere dag opendoen en de vloer niet bezaaid is met lege blikken bier en flessen wijn als zij terugkomen van hun werk, mogen wij ons gang gaan. Dat lijkt me een haalbare afspraak. Er is genoeg te doen en te zien in deze heerlijke stad, maar ik verheug me het meeste op de avonden dat we samen koken.

Want met mijn zus deel ik mijn passie voor lekker en goed eten. En zij is de enige met wie ik zo gemakkelijk in de keuken kan werken. Ik vind anderen vaak onhandig of sloom bij het koken, maar mijn zusje niet. Wij hebben aan een half woord genoeg, lezen recepten op dezelfde manier en weten de taken goed te verdelen. We werken snel, heel snel, soms een beetje té snel, waardoor we dingen vergeten, over zaken heen lezen en foutjes maken. Maar ach, gezellig is het wel.

Dat verdelen van de taken gaat tegenwoordig trouwens beter dan vroeger. Want vroeger, toen mocht mijn zus van mij alleen het bakblik invetten. Ik was nu eenmaal de oudste (en blijkbaar de meest bazige). Haar basiskennis (hotelschool, bijbaan bij een slager) is ondertussen veel beter dan die van mij, dus ik kan nog wat van haar op te steken.

We weten al een beetje wat we de komende dagen koken. Er staat een tas klaar met een bevroren haas voor uitdaging 18. Ze gaat me leren hoe ik rollades moet knopen. En alle goede flessen drank die we elkaar dit jaar cadeau gaven gaan mee, om nu leeg te drinken.

Ooit hadden we het idee om samen een nachtbakker op te zetten. Eentje waar je terecht kon na het stappen, voor de dronken trek, zeg maar. En we hebben het al zo vaak gehad over het opzetten van een klein restaurantje of lunchzaak, de menukaart zit al in ons hoofd.

Maar het gaat ‘m niet worden. Want zij komt niet hierheen en ik ga niet daarheen. Dus komende week gaan we maar gewoon genieten. Van samen eten, koken en zussen zijn.

Als een geoliede machine werken mijn zus en ik in onze mini-keuken. Zoals je kunt zien, mag ze inmiddels meer dan het bakblik invetten. Dat ding in mijn shirt is inderdaad het prijskaartje.

Cranberryclafoutis

Dit recept is belachelijk goed. Ik combineerde wat ideeën van internet (oa Epicurious) en dit kwam er uit. Toen de clafoutis een klein beetje afgekoeld was, dacht ik: ik neem alvast een hapje. Uiteindelijk at ik een kwart op… Ik vond hem later minder lekker, dus ik zou hem zo vers mogelijk eten en hem dus niet langer dan een paar uur van tevoren klaar maken.

  • 150 gram gedroogde cranberry’s
  • 2 eetlepels cognac
  • 200 ml Port
  • halve theelepel kaneel
  • 75 gram suiker
  • 3 eieren
  • 100 gram bloem
  • 250 ml melk
  • 2 eetlepels gesmolten boter
  • flinke snuf zout

Verder:

  • garde (of handmixer)
  • boter om in te vetten
  • quicheschaal met een diameter van ongeveer 24 cm

Verwarm de oven voor op 180 graden (hete lucht). Breng in een steelpan de port, cranberry’s en cognac met de de kaneel aan de kook. Laat op laag vuur doorsudderen. Let er op dat de cranberry’s niet aanbranden. Zet het vuur uit wanneer al het vocht opgenomen is door de cranberry’s.

Klop ondertussen de eieren met de suiker, tot het mengsel luchtig en lichter van kleur is. Voeg de bloem, melk, gesmolten boter en het zout toe en mix goed, tot er geen klontjes meer in zitten.

Vet een quicheschaal in met boter. Verdeel de cranberry’s over de bodem en schenk het melk-eierenmengsel hier overheen. Bak in 30 minuten af. Serveer warm met een beetje poedersuiker.

Zelf ingevet: een basistechniek die ik van haar af heb gekeken. Ze zal trots op me zijn.

Tags: , , , ,

4 reacties

  1. Smaakmaakster
  2. janet
  3. Smaakmaakster
  4. Annet

Trackback e pingback

No trackback or pingback available for this article

Plaats een reactie